Wisselbeplanting in rood

I love red!

Zoals ik al eerder heb geschreven, loop je soms tegen een prachtige combinatie aan. Zo deed ik dat pasgeleden ook weer. Dit keer was het de kleur rood: de kleur van de liefde en wie houdt daar nu niet van?

Ik zou eigenlijk met een vriendin gaan kijken naar een ‘demoborder’ met eenjarigen (de zogenaamde wisselbeplanting), maar zij moest helaas verstek laten gaan. Na de uitleg over de border met wisselbeplanting, konden we zelf ons hart ophalen en aan de slag met het kiezen en kopen van planten.

Zodoende heb ik voor haar een bloemencombinatie samengesteld voor haar veranda. In het rood, dit keer. Daar moet je wel lef voor hebben! Geen punt voor haar.

“I love red” ging het via de whatsapp!

En dat was duidelijke taal. Op haar veranda stonden vier grijze bloembakken met siergrassen. Alleen het grijsblauwe gras Festuca glauca “elijah blue” had de afgelopen winter overleefd. Die moest dus blijven.

Uiteindelijk heb ik daaraan toegevoegd vlnr:

  • Agastache auriantica ‘Apricot Sprite’ (lichtoranje);
  • Carex Bronco (bruin gras);
  • Coleus Red Velvet (rood blad);
  • Zinnia elegans (oranje, rood en een kleur ertussen);
  • Lobelia Faniculate ‘Burgundy’ (hoge plant in de tweede bak);
  • Dahlia Happy days (laag rode variant met donker blad).

Deze zijn samen met het overgebleven blauwgrijze gras van de Festuca glauca in de bakken geplaatst. Het resultaat mag er wezen. Zeg nu zelf!

Ik hoor graag wat u ervan vindt.

vlnr: Agastache auriantica ‘Apricot Sprite’; Carex Bronco; Coleus Red Velvet; Zinnia elegans en Festuca glauca ‘elijah blue’.

vlnr: Agastache auriantica ‘Apricot Sprite’; Carex Bronco; Coleus Red Velvet; Zinnia elegans en Festuca glauca ‘elijah blue’.

vlnr: Festuca glauca ‘elijah blue’, Agastache auriantica ‘Apricot Sprite’; Lobelia Faniculate ‘Burgundy’; Carex Bronco en Dahlia Happy days.

vlnr: Festuca glauca ‘elijah blue’, Agastache auriantica ‘Apricot Sprite’; Lobelia Faniculate ‘Burgundy’; Carex Bronco en Dahlia Happy days.

vlnr: Festuca glauca ‘elijah blue’, Dahlia Happy days, Carex Bronco; Lobelia Faniculate ‘Burgundy’, Zinnia elegans en Coleus Red Velvet.

vlnr: Festuca glauca ‘elijah blue’, Dahlia Happy days, Carex Bronco; Lobelia Faniculate ‘Burgundy’, Zinnia elegans en Coleus Red Velvet.

vlnr: Dahlia Happy days; Agastache auriantica ‘Apricot Sprite’; Zinnia Elegans; Festuca glauca ‘elijah blue’ en Lobelia Faniculate ‘Burgundy’.

vlnr: Dahlia Happy days; Agastache auriantica ‘Apricot Sprite’; Zinnia Elegans; Festuca glauca ‘elijah blue’ en Lobelia Faniculate ‘Burgundy’.

Wisselbeplanting van Joyce Oomen - Blooming Business

Tuintips voor juli

Juli, het is weer hoogzomer, juli is natuurlijk de maand van de rijkdom, al helemaal in de moestuin. Sla, sperzieboontjes, peultjes, tuinbonen, kapucijners te over! En in de tuin bloeit nu alles op zijn mooist.

Aan de andere kant komt de vakantie er weer aan. De tuin wordt dan niet onderhouden. Maak daarom in deze periode je tuin [av_textcolor color=”default”]‘vakantieklaar’[/av_textcolor]. Geef alle planten en het gazon nog een keer voldoende water en verwijder al het onkruid. Zorg voor een goede mulchlaag, zodat onkruid minder kans krijgt, vooral op open plekken. De grond droogt daar ook eerder uit en een mulchlaag voorkomt dit.

Mulchen: een laag op de grond aanbrengen van materialen die onkruid tegen gaan en tevens de structuur van de grond verbeteren. Mulchen kun je onder andere doen met landbouwplastic, karton, cacaodoppen, stro, grasmaaisel, compost, houtsnippers, champost en plantenresten.

Als vakantieganger geniet je nog meer als je tuin in bloei staat bij thuiskomst. Knip daarom de eenjarigen terug tot zichtbare jonge scheuten. Deze zullen bij terugkomst in bloei staan. Snoei vaste planten die nu bloeien ook terug, zodat ze wellicht nog een tweede bloei opleveren. Hierdoor blijven de planten tevens steviger. Planten waarvan je weet dat ze hoog worden, geef je alvast een steun, zodat ze niet omvallen tijdens je afwezigheid.

Plaats bloempotten in de schaduw en vraag iemand om ze elke dag water te geven. Zo houd je nog een mooie pot over. Geef ze ten slotte voor je vertrek wat extra voeding (lees: mest).

Wat het gazon betreft: bemesten na terugkomst. Anders groeit het gras te hard! Bij terugkomst kan het altijd nog bemest worden. Maai het vrij kort, maar niet te kort voordat je weggaat. Strooi eventueel wat compost op het gras, zodat het vocht langer behouden blijft, maar geen mest!

Succes en veel plezier op vakantie!

Een mooi trio: Acanthus mollis, Malva moschata en Verbascum chaixii

Een prachtig witte combinatie…

In juni loop je nog al eens tegen een prachtige combinatie aan. Zo deed ik dat gisteren ook. In het wit, dit keer. En alle tuinarchitecten weten dat wit moeilijk is in een tuin, tenzij je alles wit doet. Wit creëert voor het oog snel gaten in een border. Het is weliswaar optisch bedrog, maar wij tuinontwerpers en architecten houden daar niet van. Hier was dan ook sprake van een volledig witte border.

Je moet wel de ruimte hebben voor deze combinatie. Van links naar rechts zie je een Acanthus mollis (Akant) die wel meer dan een vierkante meter kan beslaan, een Malva moschata (kaasjeskruid) en tot slot helemaal rechts Verbascum chaixii (Toorts). Alle drie hebben last van strenge winters, de Acanthus kan zelfs zo hard invriezen dat hij het jaar daarop niet bloeit, alleen maar bezig om weer te bekomen. De Malva moschata is een tweejarige, kortlevende vaste plant. Vermeerder die dan ook, want hij is niet erg winterhard. Dan kun je er volgend jaar weer van genieten. De Verbascum Chaixii is ook een kortlevende vaste plant. Vermeerderen kan door te stekken. Op deze manier kun je lang van deze combinatie genieten.

Kijk voor meer ideeën voor een witte tuin op mijn Pinterest of neem contact met me op om een witte border te creeëren.

Dianthus plumarius (anjers)

Anjers, niet ouderwets!

Om mijn plantenkennis op peil te houden, help ik één keer per week mee in de tuin van Joke Vos “De Dijkgaerd”. Ik doe dat sinds april en het bevalt me super. Niet alleen ben ik dan een ochtend in de buitenlucht en beweeg ik volop, ik geniet er ook echt van om te kijken naar wat de natuur allemaal voort kan brengen. Ik houd keurig netjes op mijn laptop bij wat ik elke week zie veranderen in de tuin en welke planten in bloei komen of juist zijn uitgebloeid. Zo heb ik sindsdien al enkele A4-tjes vol geschreven met tips voor mezelf en wetenswaardigheden over het echte tuinieren.

Al scharrelend door de tuin van tuinkamer naar tuinkamer zijn er behoorlijk wat planten die mijn aandacht trekken. Maar natuurlijk zijn er altijd een paar die extra interessant zijn. Ze boeien je dan persoonlijk. Zo had ik nooit iets met anjers. Ze stonden altijd in een vaas bij oude mensen met grijs haar en een permanentje.

Nu heeft Joke twee natuurstenen bakken aan het begin van de tuin staan, waar in april nietszeggend grijs blad in stond. Het oogde rommelig, eerlijk gezegd. Ze vertelde dat er anjertjes in groeiden. En ik weet nog dat ik dacht “eugh”. Aan de bakken hoefden we nooit iets te doen. De rest van de tuin vroeg onze aandacht: er moest gewied worden, het geel geworden blad van de tulpen moest worden weggehaald, het lelijk blad van de Allium afgeknipt, lege plekken opgevuld etcetera.

Totdat die lieve kleine anjertjes in bloei kwamen. Ik was meteen verkocht. Ik bekeek ze eens beter. Geweldig, wat een mooi bloemetje is dat! Die opa’s en oma’s waren zo gek nog niet. In de ene bak staat een anjertje met kleine lieve bloemetjes met roze en een hardroze kleur in het midden. In de andere bak staat een anjertje met de kleuren precies andersom. Kijk maar eens naar de foto. Dan zie je ze staan aan het begin van het pad in de grote platte bloembakken.

En nu ben ik benieuwd wat u daarvan vindt? Bent u net zo onder de indruk als ik? Is het misschien iets voor uw eigen voor-of achtertuin voor dat plekje in de zon, waar bijna niets wil groeien? Bel of mail me, dan kijk ik wat ik voor u kan betekenen.

Geniet van gewone bijzondere planten!

Paars roze border

Tuintips voor juni

In mei hadden we dit keer een zeer korte “Chelsea Gap”.

Wat dat is?

In de derde week van mei wordt de Chelsea Flower Show in Engeland gehouden. Het is het grootste tuinevenement van Engeland met wereldwijde bekendheid. Planten kennen in deze periode een groeispurt. Meestal hebben we dan een groene tuin die zich aan het voorbereiden is op een overvloed aan bloemen. We zien jammer genoeg nu alleen nog maar knoppen die nog uit moeten komen.

Dit jaar is het voorjaar erg vroeg. Er is geen sprake van een zogenaamde Chelsea Gap. Het is dan ook hard werken in de tuin.

Wat is in deze maand echt heel belangrijk?

Bemesten! Geef alle planten voor de langste dag voor de tweede en laatste keer dit jaar koemest of koemestkorrels.

Snoei alle heesters die net zijn uitgebloeid. De regel is voorjaarsbloeiers snoei je na de bloei in het voorjaar of begin zomer, najaarsbloeiers, snoei je in het late najaar.

De meeste heesters bloeien op tweejarig hout, dat betekent dat je niet alle takken tot de grond af moet knippen. Dan heb je een jaar later geen bloemen. Wil je een mooie bloeiende opgaande struik, knip dan met een takkenschaar elk jaar een vijfde van alle takken tot aan de grond toe weg. De struik verjongt zich daardoor en je hebt elk jaar bloemen!

Struiken kennen twee groeispurten. De ene is in het vroege voorjaar en de tweede is in mei. Dit jaar was dat in de tweede helft van mei. Is een struik nu nog niet uitgelopen dan kun je er vanuit gaan dat ie dood is. Vervang hem dan voor een nieuwe.

De meeste Irissen zijn nu uitgebloeid. Indien de groep te groot is geworden, kun je ze afsteken en scheuren. Klop op de omhooggekomen wortels. De wortelstokken die hol klinken, kun je afbreken en weggooien. De rest plant je in een potje, knip het blad op vijf centimeter af om weer op te kweken of om weg te geven.

Slakken: ga elke ochtend op zoek naar slakken. Ze houden vooral van hosta’s en ook van nat gras. Dat zijn dan ook de plekken om als eerste te controleren.

Moestuin

  • De eerste aardbeien kunnen geoogst worden. Pluk ze met het kroontje. Op die manier blijft de aardbei langer goed en het voorkomt schimmel op de planten. Geef je aardbeienbed ook regelmatig mest en water. Leg onder de planten stro of gedroogd gras, zodat de aardbeien daarop kunnen liggen zonder te gaan rotten.
  • Wil je grote appels en peren oogsten, verminder dan het aantal vruchten per trosje tot maximaal twee. Haal de kleinste vruchten als eerste weg, want die vallen vaak al uit zichzelf af.
  • Perziken, nectarines en pruimen kunnen nu gesnoeid worden. De snoeiwonden dichten op dit moment erg snel. En juist de kans op een aantasting wordt kleiner als de snoeiwonden zich sneller dichten. Dun de pruimen in de pruimenboom uit om te voorkomen dat de takken breken omdat ze te zwaar worden.
Geum hybride 'Bell Bank' - Nagelkruid

Tuintips voor mei

Kon in april het tuinieren echt beginnen, dan is mei de drukste maand van het jaar in de tuin!

Nu is het de tijd om hagen in vorm te knippen, de vijver in orde te brengen, één-en tweejarigen te planten, uitgebloeide struiken te snoeien en bloembakken te vullen.

Bloembollen
De meeste bloembollen, vooral die van de vroegbloeiende tulpen, zijn bezig met afsterven. Zodra het blad volledig is afgestorven, kun je dit met de hand wegnemen. Zodra het makkelijk loslaat, is het zeker afgestorven. Het ziet er nu weliswaar slordig uit, maar het komt de bol ten goede.

Het blad van de Allium (Sierui) ziet er ook vaak vergeeld uit, terwijl de bloem nu juist mooi in bloei staat. Indien je dat slordig vindt, knip je dat tot aan de steel af. De bloem heeft er geen last van.

Voor een mooie roze/paarse border met bloembollen volgend jaar kun je Allium (Sierui), de tulp Jumbo Pink (fel roze), de tulp Queen of the Night (diep paars) en de tulp Purple Flag (paars) met elkaar combineren. Plaats daar paarse Lunaria annua (Judaspenning, let op tweejarig!) bij en je hebt een prachtige voorjaarsborder!

Gazon
De kale plekken in je gazon moeten nu langzaam met het in maart gezaaide gras dichtgroeien. Zo niet, bemest en bekalk dan je gazon. Strooi juist als er regen is voorspeld kunstmest op het gazon, dan hoef je niet te sproeien. Wacht een paar dagen en zaai dan nogmaals.

Één-en tweejarigen
Je kunt in mei alle zaden van één-en tweejarigen in de volle grond planten. Denk aan soorten zoals Papaver, Impatiens (vlijtig liesje), Anthirrium (leeuwenbekje), Dianthus barbatus (duizendschoon), Bellis perennis (madelief) etc.

En ook de binnen gezaaide eenjarigen kunnen nu in de grond worden geplant. Denk hierbij aan de Nicotiana (siertabak), Zinnia (Goudsbloem), Salvia splendens (Vuursalie) en Cosmos (Cosmea).

Voor een interessante roze border komende zomer kun je de volgende combinatie eens uitproberen: Gaura lindheimeri (Prachtkaars), Echinacea purpurea (Zonnehoed), Heliotropium arborescens (Heliotroop) en Helichrysum Gold (Kerrieplant).

Vaste planten
In mei kun je er wel van uitgaan dat planten die het nog steeds niet doen, het ook niet gaan doen. Deze planten hebben de winter niet overleefd. Overigens is dat in deze winter wel triest. Haal ze weg en plant nieuwe aan.

Vergeet daarnaast de borders niet te bemesten. Doe dat met koemestkorrels of echte koemest. Dat is het beste. Verwijder alle ongewenste zaailingen en hark de grond lichtjes, waardoor de border er ineens veel netter uitziet.

Bloembakken
Bloembakken kunnen in mei aangepast worden. Het is een mooi cadeau voor moederdag.

Prachtig voor hanging baskets of bloembak is de volgende combinatie in rood: Helichrysum petiolare Silver, Surfinia Million Bells (de oranje met rood randje) met Pelargonium peltatum (rode hanggeraniums).

Veel succes met deze tuintips voor mei!

Krokus "King of striped"

Krokus en sneeuwklokje vermeerderen

Mijn vader draagt zo nu en dan onderwerpen aan voor mijn website. Zo kwam hij laatst met de vraag hoe bolgewassen zoals krokussen, sneeuwklokjes en narcissen zich voortplanten, want er zijn nog helemaal geen bijen te zien!

Hij bedoelde daarmee de zogenaamde stinsenplanten. Het woord “stins” betekent “stên hûs” ofwel stenen huis in het Fries. Dit was een versterkte adellijke woning in Friesland (van Dale). De eigenaren, adellijke heren met aanzien, konden het zich permitteren om voorjaarsbloeiers te importeren en rondom hun huis te planten. Stinsenplanten zijn in de regel voorjaarsbloeiers met opvallende bloemen. Stinsenplanten zijn vanaf de 16e eeuw uit Midden en Zuid-Europa aangevoerd om te verwilderen en hebben weten stand te houden in Noord-Europa. Stinsenplanten groeien vaak onder loofbomen en zijn de eerste planten die in de lente bloeien. Om als eerste te kunnen bloeien zijn stinsenplanten vaak bol of knolgewassen (geofyten) of hebben verdikte wortelstokken. In de zomer, wanneer er bladeren aan de boom zijn, verdwijnen ze weer onder de grond. Sommige stinsenplanten, zoals het sneeuwklokje (Galanthus) en het lenteklokje (Leucojum vernum), worden al vanaf de late middeleeuwen gekweekt.

Zodoende ben ik op zoek gegaan naar informatie over de vermeerdering van deze planten. Ik heb de vermeerdering van krokussen en sneeuwklokjes opgezocht, omdat die de meeste mensen wel kennen.

Krokus

De krokus vermeerdert zich door zelf nieuwe bolletjes aan te maken. De nieuwe bolletjes bij een krokus noem je broedbolletjes. In de herfst ontstaan ze aan de bovenkant van de bol. In het begin van de lente ontstaan hieruit nieuwe krokussen. Ze onttrekken in het eerste jaar hun energie aan de moederbol. Ze ontwikkelen in dit jaar wel al wortels, die later in de zomer de broedbolletjes omlaag trekken in de grond. Ze zijn dan beter beschermd tegen vorst, maar ook tegen veldmuizen die de bollen van krokussen eten.

Narcis

De voortplanting van de narcis geschiedt op twee manieren:

  1. Door natuurlijke verwildering, waarbij nevenbollen gevormd worden net als bij de krokus. De bollen groeien uit de moederbol. Ze verwilderen uit zichzelf.
  2. Door zaadvorming, waarbij de uitgebloeide bloem zaden vormt, die na het omvallen van de stengel op de grond terecht komen. De zaden zijn uitgerust met een mierenbroodje, dat graag door mieren wordt gegeten. Om deze reden verplaatsen de mieren de narciszaden. Deze zaadvorming kost de bol veel kracht en zorgt voor een minimale bloei het volgende jaar.

Sneeuwklokje

De voortplanting van het sneeuwklokje kan op drie manieren geschieden:

  1. De beste manier om sneeuwklokjes te vermeerderen is het delen van de pollen ver na de bloei. Je markeert de pollen tijdens de bloei. Tijdens de zomer als het loof is afgestorven, kun je de gemarkeerde bollen uitgraven en voorzichtig uit elkaar trekken. Je herplant deze nieuwe pollen direct. Op deze manier krijg je het snelste nieuwe bloemetjes.
  2. Scheuren in mei “in the green” wordt ook veel gedaan. Als het loof nog niet is afgestorven, haal je de plant uit de grond en trek je de bollen voorzichtig uit elkaar. Als de planten niet lang uit de grond blijven en er niet teveel wortels beschadigd raken valt de schade erg mee. Soms kan het 1 of 2 jaar duren voordat de plant goed aanslaat en doorgroeit.
  3. Zaaien van sneeuwklokjes is niet gebruikelijk, maar voor wilde soorten zeker aan te raden om sneller grote hoeveelheden te kweken. Oogst de zaden vers, als de zaaddoosjes openen en de rijpe zaden zichtbaar zijn. Houd de eerste twee jaar de sneeuwklokjes in een pot. Deze derde optie is behoorlijk arbeidsintensief en vereist meer kennis.
Voorjaar

Tuintips voor april

Het tuinieren kan nu echt beginnen!

In het algemeen geldt dat je vanaf nu onkruid regelmatig weghaalt, en jonge aanplant bij aanhoudende droogte regelmatig water geeft.

Bloembollen

In deze tijd van het jaar kun je genieten van de kleuren van voorjaarsbollen en al het groen dat weer tevoorschijn komt. Verwijder straks alle uitgebloeide bloemen van bloembollen, zodat ze geen zaad gaan vormen. Op die manier kun je volgend jaar weer van een ware bloemenpracht genieten.

Controleer of je zomerbollen van vorig jaar geen schimmels of rotte plekken bevatten. Gooi aangetaste bollen weg.

Nieuwe bloembollen voor in de zomer kunnen nog tot ongeveer half mei geplant worden.

Bemesten

Tuinplanten hebben vaak extra voeding nodig, omdat we graag een tuin vol bloemen willen (of een rijke oogst). Ze hebben extra voedingsstoffen nodig, maar niet altijd mest. Vaak is een laag compost al genoeg. Compost verbetert het evenwicht tussen grote en kleine poriën in de bodem en geeft een goede structuur aan de bodem.

Soms is het zinvol om ook mest te geven, bijvoorbeeld als de grond arm is. Kies dan voor organische mest in plaats van kunstmest. Planten groeien er rustiger door en worden steviger. Het komt langzaam vrij, dus geef het op tijd begin april.

Moestuin

In april kun je heerlijk bezig zijn in de moestuin. Maak je moestuin goed “schoon”: controleer fruitbomen op beschadigde of zieke plekken. Met dit prachtige lenteweer zijn de meeste bomen al uitgelopen en staan al in knop. Let goed op dat je ze beschermt tegen eventueel optredende nachtvorst.

Controleer de oude aanplant van aardbeien. Je kunt te groot uitgegroeide aardbeienplanten oprooien en de jongste delen daarvan opnieuw planten. Aardbeien zijn er in verschillende smaken en bloeiperioden. Wil je zo lang mogelijk van verse aardbeien genieten, kies dan voor verschillende rassen. Het ras ‘Rumba’ kun je als eerste oogsten in mei. Daarna komen ‘Sonata’, ‘Figaro’, ‘Elsanta’ en ‘Malling pearl’. Geef aardbeien voldoende water en mest. Water is heel belangrijk, anders worden de vruchten niet sappig.

Houd je van kruiden in de tuin? Zaad voor anijs, venkel, peterselie en bonenkruid mogen in de volle grond gezaaid worden!

Ook groenten zoals wortelen, bieten, selderij, prei en uien kunnen nu gezaaid worden.

Veel succes met deze tuintips voor april!

Pastinaak: soms nog te vinden in de supermarkt

Vergeten groenten en kruiden

Met deze term worden groenten aangeduid die ‘vroeger’ heel normaal waren in het Nederlandse menu, maar tegenwoordig vrijwel niet meer voorkomen en zelfs onbekend zijn bij een groot publiek. Het aanbod van groenten in de supermarkt en bij de groenteboer is steeds schaarser geworden. Er liggen wel het hele jaar door sperziebonen, tomaten en bloemkool, maar steeds minder groenten en kruiden die van oudsher in Nederland geteeld werden. Barbarakruid en wortelpeterselie zijn twee voorbeelden van soorten die je vooral in de winter kunt eten en ook nog eens heel gezond zijn.

Barbarakruid

“Barbarea vulgaris” is niet zo’n bekend kruidenplantje. Het wordt ook wel winterkers genoemd, omdat je het in de winter uitstekend kunt oogsten. Het lijkt in uiterlijk en smaak op waterkers. Het plantje is een bron van vitamine c en je kunt er alle kanten mee op in de keuken.

Dit plantje is familie van de tuinkers, waterkers en rucola. De blaadjes kunnen in een salade en als garnering in de soep, warme en koude schotels en op brood gebruikt worden. Het heeft een pittige smaak, net als radijsjes.

Wortelpeterselie of peterseliewortel

“Petroselinum crispum var tuberosum” ziet eruit als pastinaak: het is een 15 cm lange witte penwortel, maar smaakt kruidiger dan pastinaak.

Dit plantje is niet te verwarren met de gewone peterselie zoals we die allemaal kennen van de supermarkt. Bij wortelpeterselie gaat het juist om de wortel die zich onder de grond ontwikkelt. Deze plant kun je van maart tot juli zaaien. Vanaf oktober kun je gaan oogsten. Het kan de hele winter worden geoogst (tenzij de grond te nat wordt).

Het is lekker als warme puree (met aardappelen) of gratin, maar ook lekker om rauw te raspen en te mengen met veldsla, winterpostelein en geroosterde noten tot een vitaminerijke wintersalade. Of maak er een roomsoep van. De smaak bevindt zich tussen die van knolselderij en peterselie in en is véél lekkerder dan de zoete pastinaak. Een smaak met klasse!

Andere vergeten groenten: aardpeer, suikerwortel, kardoen, brave hendrik, kliswortel, zeekool, knolkervel, warmoes, teunisbloem, schorseneren, mierikswortel, oerpeen (wit en zwart), meirapen, ijskruid etc.

Er zijn diverse boeken geschreven over vergeten groenten. Het ene boek richt zich meer op het kweken en het andere richt zich op recepten voor vergeten groenten. Keuze te over.

Narcis in opkomst

Tuintips voor maart

Wat is dat toch met die eerste zonnestralen? Ze doen je van binnen gloeien. Maart is de maand waarin dat zeker gebeurt. Je ziet dat de tuin weer tot leven komt, zeker dit jaar met een voorjaar dat meteorologisch een maand voorloopt. Je kunt weer aan de slag in de tuin!

  • Een levendig tuinseizoen begint met snoeien, want snoeien doet groeien en bloeien! Vooral voor het snoeien van rozen is maart de maand bij uitstek, maar let wel op welke soort roos je in je tuin hebt. Datzelfde geldt voor het snoeien van clematis: er zijn vele soorten met eigen snoeiregels. Zodra het overdag niet meer vriest, kun je de vlinderstruik terugsnoeien naar ongeveer 40 cm boven de grond.
  • Van vaste planten kun je alle afgestorven delen wegknippen. Als er al jonge uitlopers zijn ontstaan, is nu ook het moment om de planten te scheuren en te verplanten.
  • Het gazon kan worden verzorgd: verwijder mos door te verticuteren. Zaai de kale plekken bij en geef het gazon kalk en mest. Let op dat je ecologische producten gebruikt om de natuur niet te belasten met chemicaliën. Vogels pikken kalk en mestkorrels op.

Let wel op het gezegde: “maart roert zijn staart”. Een week met veel zon en hoge temperaturen kan uitlopen in een weekend met kans op nachtvorst.